Spinvis' grootste fan
De situatieschets:een optreden van Spinvis in de Kleine Komedie (onthoud die locatie, die is relevant voor de rest van het verhaal)
Goed, Mr. X en ik gingen dus naar Spinvis. Ik ben dol op Spinvis. Al zijn cd’s heb ik en de teksten van zijn liedjes kan ik zo meezingen. Alleen dat doe ik niet. Tenminste… niet in het openbaar.
De vrouw die naast mij in de Kleine Komedie zat, deed dat wel. Maar zij was dan ook Spinvis’ grootste fan. In het begin vond ik het nog wel lollig, maar na een liedje of drie begon ik me toch ietwat te ergeren. Vooral omdat ze enorm vals zong.
‘Pfff, dat heb ik weer’, dacht ik. ‘Zit ik naast zo’n overenthousiasteling’.
Ik probeerde mezelf te kalmeren en zocht ergens ver in mijn geheugen naar de materie uit Don't Sweat the Small Stuff. Wat had ik ook al weer geleerd van dat boek? In mijn hoofd somde ik op dat het toch fijn was dat mijn buurvrouw zo veel plezier had en zo van het concert kon genieten. 'Haar plezier is mijn plezier', dacht ik bijna hardop en dat werkte zo waar een beetje.
Totdat mijn buurvrouw de Superfan mee begon te stampen en klappen. Nou moet u weten, dat de Superfan nog al een forse struise dame was. En dat ik nog al klein en iniemini ben. En dat ik dus het gevoel had dat ik bij elke stamp en klap en beetje uit mijn stoel gelanceerd werd en dat dat gevoel ook klopte. Ik ging gewoon op een neer.
Voor de check – check – dubbelcheck bekeek ik haar uit mijn ooghoek om te controleren of ze niet zwakzinnig was. Want was ze dat geweest dan had ik om begrijpelijke reden nog wel wat begrip voor haar kunnen opbrengen. Maar ze was niet zwakzinnig of geestelijk gehandicapt. Ze was gewoon een onverenthousiasteling en Spinvis’ grootste fan.
Ik begon me aan alles van haar te ergeren. Dat ze om bepaalde teksten in lachen uitbarstte terwijl ze als grootste fan zijnde, die teksten al wel een beetje uit haar hoofd zou moeten kennen en dus had moeten weten wat er ongeveer zou komen. Toen ze met Spinvis meegilde dat ze niet gek was, maar dat ze slechts een nagemaakte gek was, wilde ik bijna heel hard 'ja, ja'' zeggen.
Elke keer als Spinvis wat zei, schoof ze naar het puntje van haar stoel en leek ze haast te gaan kwijlen. Het was dat we op rij zeven zaten anders was ze letterlijk en figuurlijk aan zijn lippen gaan hangen.
Ze leek verliefd op Spinvis en ik begon me af te vragen of de man met wie ze was ook haar partner was. Want als hij haar partner was, dan had ik medelijden met hem. Dat je vrouw of vriendin een andere man zo totaal adoreert dat moet geen fijn gevoel geven.
Toen Spinvis klaar was met zijn optreden stond ze, je kon het al wel een beetje raden, als eerste voor haar stoel om hem een staande ovatie te geven. Het leek wel een vuurpijl die uit haar stoel werd geschoten. Ze joelde om een toegift en klapte zo hard in haar handen dat ze er vandaag zeker blaren van moet hebben, van dat geklap. Maar door haar had ik eigenlijk geen zin meer in een toegift. Ik kon haar geen minuut langer verdragen.
Toch kregen we er een. Ik greep mijn armsteunen vast om door haar gestamp en gelanceer niet op het balkon van de eerste verdieping terecht te komen.
Bij het allerlaatste nummer twijfelde ik of ze nu hysterisch stond te huilen. Het kon ook lachen zijn, maar dat het hysterisch was dat stond vast.
In de tram naar huis vroeg mijn liefste: “Het was leuk hè?”
Ik knikte.
“Het duurde me alleen ietwat te lang”.
“Nou anders mij wel".
Tegen sommige nagemaakte gekken is geen zelfhulpboek bestand.
Al twaalf reacties
Trackback link: http://www.desalniettemin.com/pivot/tb.php?tb_id=918









