Categorie: levenstekens

08 Oktober '08 - 19:58

Lieve opa,

Vanavond is het Kol Nidree en het is de eerste keer dat jij er niet bij bent.
Jarenlang zat ik naast jou in de synagoge op de startavond van Grote Verzoendag. Dit jaar ben jij er niet in sjoel, maar ik ook niet.
Ik heb morgen iets belangrijks van werk en heb besloten pas morgenmiddag naar papa, mama, S en oma toe te gaan.
Papa zei dat het goed was, maar toch voel ik me er een beetje schuldig over. Vooral omdat jij er niet meer fysiek bij bent. Jij hield de tradities altijd goed in stand en vastte tot twee jaar geleden zelfs nog mee. Omdat je altijd vond dat Jom Kippoer de belangrijkste dag van het jaar was en omdat je je verplicht voelde naar jouw familie toe. Jouw familie die vermoord werd en wiens namen morgenavond tijdens het Kaddish, het dodengebed genoemd zullen worden. Vanavond en morgenavond zullen anders zijn. Want vanavond zal jij niet meer meeneuriën met het Kol Nidree en morgenavond zal ook jouw naam genoemd worden.
En daar zie ik immens tegenop. Want hoewel ik al lang 'afscheid' van je heb genomen, deze maand oktober lijkt jouw niet meer zijn, steeds definitiever te worden.
Geen Grote Verzoendag meer met jou, geen 67e trouwdag die gevierd gaat worden de 16e, ik moet naar de notaris om jouw testament te tekenen en de 26e oktober krijgt jouw graf een steen. Dat graf waar ik sinds die witte winterdag in december vorig jaar niet meer geweest ben, omdat ik het te triest vond om naar een hoopje zand te moeten kijken. Daar wil ik jou niet mee associëren.
Gelukkig ben je er nog wel. In de kleine dagelijkse dingen dien je je elke dag wel even aan. Als ik een lief oud mannetje zie met een hoed op, of ik hoor iemand 'duuzend' zeggen in plaats van 'duizend'. Als ik je humor herken of heel hard moet lachen met vrienden of collega's. Wanneer ik heel lekker eet en geniet van goed gezelschap. Als ik geniet van mijn leven, iets dat jij ook altijd hebt gedaan. Ik hoor het je nog zo zeggen: "Oma en ik hebben de hel van heel dichtbij gezien, maar we bleven geloven in het goede, we bleven leven en we leerden er weer van te genieten".
Genieten was jouw levensmotto. Je was er een koning in. Je zag het slechtse in de mens, maar bleef van mensen houden. Zelfs van de mensen die je niet kende.
In de negen dagen na Rosh Hashana, het joodse nieuwjaar, denken we aan wat we verkeerd hebben gedaan en hoe we het volgende jaar een beter mens zullen zijn. Niet naar anderen toe, maar naar onszelf en God.
Ik geloof niet in God en ik weet niet zeker of jij dat nog wel ooit gedaan hebt. Ik geloof in het goede in mezelf en de liefde die ik in me heb en kan geven. Ik heb heel veel liefde te geven, want ik heb ontzettend veel liefde gekregen. Een groot deel van die gekregen liefde, ontving ik van jou. En nog steeds. Want ik weet dat je er nog bent en dat je mee kijkt. Ik hoop dat je trots op me bent. Het afgelopen jaar is niet altijd makkelijk geweest, maar in die rottige tijden heb ik altijd aan jou en jouw woorden gedacht en dan wist ik dat het altijd wel weer goed zou komen. Genieten is niet altijd makkelijk, maar ik slaag er toch dagelijks in. Ik kan me geen dag heugen, dat ik niet heb gelachen.

Lieve opa,
morgen wordt jouw naam voor het eerst uitgesproken tussen de namen van onze familieleden die er niet meer zijn.
Deze maand zet ik mijn handtekening onder een document en bevestig daarmee jouw niet meer zijn.
Deze maand zouden oma en jij 67 jaar getrouwd zijn.
Deze maand zal jouw graf een steen krijgen.
Jij bent er niet meer. Maar je bent er nog elke dag.
Ik mis je maar ook weer niet. Het ergste aan dat jij er niet meer bent, vind ik dat ik je niet meer kan delen met de mensen waaraan ik jou zo graag had willen voorstellen.
Dit is de eerste Jom Kippoer zonder jou en er zullen er nog velen volgen. Gelukkig bewaar ik warme herinneringen aan jouw zijn en zal ik nooit vergeten hoe je me die laatste uren door de vastendag heensleepte. Jouw arm op mijn schouders, jouw kneepje in mijn wang, jouw armen om me heen en jouw zegeningen voor het nieuwe jaar.
Vanavond ben ik er niet bij, maar morgen zal ik er zijn en jou en je familie herinneren tijdens het dodengebed. Omdat ik dat aan jou verplicht ben.
Lieve opa ik wens jou waar je ook bent een heel gelukkig nieuwjaar. Eigenlijk wens ik dat mezelf dus ook, want jij leeft door in mij. Ik beloof je dat ik van het nieuwe jaar zal genieten en er een nog beter jaar van zal maken dan dit jaar was.
Ik blijf geloven in het goede, ik blijf leven en ik blijf genieten. Altijd. Voor jou en door jou. Shana Tova.




Categorie: levenstekens

30 September '08 - 21:06

de koelkast en het karma

Ik kom uit een comercieel nest. Mijn opa was en mijn vader is een ondernemer in hart en nieren. Ik heb het ook. Dat commerciële zit ook in mij. Ik heb altijd commerciële functies bekleed en nu dus ook. Als ik het woord bonus hoor, leef ik op en ik vind het heerlijk om met targets te werken en te moeten onderhandelen.
Alleen niet als ik het voor mezelf moet doen. Onderhandelen over salaris of secundaire arbeidsvoorwaarden, ach, breek me de bek niet open. Ik kan dat gewoon niet. Gelukkig heb ik met mijn laatste twee banen de mazzel gehad dat ze meteen accoord gingen met mijn salariseis, maar dat betekent dus ook dat ik gewoon te weinig gevraagd heb.

Enfin, dit was natuurlijk slechts een inleiding op de annekdote die ik zo ga vertellen. Om jullie alvast een beetje voor te bereiden.
Ik had spullen over uit mijn oude keuken en die wilde ik bij het grof vuil zetten.
"Nee man", zei vriendin D toen ik haar vertelde over het grof vuil-plan. "Je moet die spullen op Marktplaats zetten, dan ben je er zo van af en dan levert het ook nog wat op".
Daar zat wat in natuurlijk. En de volgende dag stelde collega S ook voor dat ik mijn spullen op het web te koop zou aanbieden en dat hij daar mij wel even bij zou helpen.
Dat vond ik een goed plan en dus ging het grof vuil-plan de prullenbak in. Samen schreven we wat wervende teksten en hielp hij me met het hele Marktplaats invulgebeuren.

Een uur later had ik al een bod op mijn uitstekend functionerende tafelmodel ijskast.
Precies de vraagprijs werd geboden en dus mailde ik terug dat hij de ijskast mocht hebben. Hij zou me nog wel bellen, mailde hij terug. Want hij moest natuurlijk weten waar ik woonde en wanneer hij de ijskast kon ophalen. En dat deed hij ook. Maar toen kon ik niet opnemen en dus luisterde ik later mijn voicemail af. Een vriendelijke stem met onvervalst Amsterdams accent begroette mij enthousiast. Dat hij het zo fijn vond dat hij de koelkast voor zo weinig kon krijgen omdat hij een vrijwilliger was op een dagverblijf voor gehandicapte kinderen omdat zijn neeffie daar zat en het vorige verblijf een paar maanden geleden was afgebrand.

's Avonds vertelde ik aan mijn moeder over de man, het dagverblijf, zijn neefje en de brand.
"En nu ga je die koelkast natuurlijk gratis geven", zei mijn moeder.
"Dat ben ik wel van plan", zei ik.
"Heb jij weer. Kun je wat geld verdienen en dan doe je het niet. Maar heel goed hoor K. Had ik ook gedaan".

Een paar dagen later kwam de man de koelkast halen. De man was een beer van een vent met een kaal hoofd en zo veel tattoes dat je bijna geen huid meer zag. Hij gaf me een ferme handdruk en in zijn andere hand zag ik twee briefjes geld.
"Dat geld hoeft niet hoor", zei ik meteen.
"Oh wat aardig, bedankt", antwoordde de man blij verrast. "Daar zal het dagverblijf heel blij mee zijn".
Dat voelde heel goed. Zo maar iets cadeau doen aan iemand die het niet verwacht.
Maar een paar minuten later voelde ik me iets minder. Ik had de ijskast namelijk wel ontdooid, maar het water niet goed weg laten lopen.
Dus toen de man de ijskast van de trap aftilde en half kantelde, kreeg hij een hele lading vies water over zich heen en daar voelde ik me nog al lullig over.
"Nu ben ik helemaal blij dat ik je die ijskast geef", grapte ik maar. "Anders had ik me knap lullig gevoeld".
Gelukkig kon hij er zelf ook om lachen.

"Ja, ja", zeiden ze op het werk toen ik vertelde van de ijskast en de man en het dagverblijf. "Je bent gewoon genaaid vrouw. Een zielig verhaal en jij geeft meteen een koelkast weg. Wie weet doet hij dat continu en heeft hij thuis nu een DVD-speler, wat antiek meubilair en complete keuken inrichting".
"Tja, dat zou kunnen", antwoordde ik. "Maar dan is het zijn slechte karma en niet het mijne".

Vandaag kwam ik thuis en zat er bij de post een kaart. Enthousiast scheurde ik de enveloppe open want ik ben dol op kaarten. Het was een kaart van het dagverblijf. Dat ze me wilden bedanken voor de koelkast. Die kaart had natuurlijk niet gehoeven, maar ik werd er wel heel blij van. Vooral omdat ik voor mezelf weet dat het dus beter is om van het goede uit te gaan dan van het slechte. Ik denk dat ik de kaart op mijn kastje op kantoor hang.

Dat ik die ijskast weggeef wil natuurlijk niet zeggen dat ik een soort Moeder Theresa ben. Dat ben ik namelijk totaal niet. Ik probeer een zo goed mogelijk mens te zijn, maar ik heb ook mij manco's. Echt, je zou me eens in de auto moeten zien....


Categorie: levenstekens

28 September '08 - 11:41

Mr. Bojangles de sadist

Toen ik gisteren uit de douche kwam, zag ik dat er iets 'anders' aan Mr. Bojangles was. Hij zat op het kleed in de woonkamer en keek woest om zich heen.
Ik riep hem en toen zag ik het; in zijn bek zat iets grijs met pootjes en een enorme staart. Geen speelgoedmuis dus, maar een echte.
"Hè gatverdamme Bojangles", riep ik, vluchtte de slaapkamer in en deed meteen de deur dicht. Eerst maar eens aankleden en daarna het muizenprobleem oplossen was mijn motto.
Aangekleed kwam ik een minuut of drie later de slaapkamer uit. Ondertussen was Bojangles aan het jongleren met de muis. "Hou op", riep ik, maar hij deed net of hij niks hoorde. En met hij bedoel ik Mr. Bojangles, de muis was immers al dood en kon niet meer horen.
Ik hinkte naar de keuken, pakte wat keukenrol en een plastic zak en praatte mezelf moed in om de muis te gaan pakken. Ik ben niet bang voor muizen, maar ook weer wel. En dode muizen daar heb ik het gewoon niet op.
Wilde Bojangles mij vroeger nog wel eens dode muizen cadeau doen (klik op die link want dan begrijp je waarom), nu was hij minder gul. Elke keer als ik dichterbij kwam en de muis wilde pakken terwijl ik ondertussen gruwelde bij het idee, begon hij te grommen, greep hij de muis weer en rende naar de andere kant van de kamer. En als ik hem dan riep, leek het alsof hij me in de zeik nam en me uitlachte. Op een gegeven moment wierp hij de muis zelfs in mijn richting en dacht ik 'okay, dat is aardig' maar toen ik vervolgens weer in de buurt gehinkt was en de muis wilde oprapen, rende Mr. B weer keihard op de muis af en greep hij het dode wezentje weer met zijn bek en rende de keuken in. Hij maakte er echt een spelletje van, de sadist.
Zo ging het ongeveer vijf minuten door. Ik hinkte achter Mr. Bojangles en dode muis mijn huis door en dacht aan Carice van Houten die in Alles is Liefde zei: "Kan mijn leven nog genanter worden dan dit?"
Na vijf minuten was ik er echt klaar mee. Ik wierp me als een ervaren Rugby-speler op Mr. Bojangles, greep hem bij zijn nekvel, tilde hem op en gooide hem in de slaapkamer. Ik toonde geen medelijden voor z'n gejank en geklaag en pakte half kotsend de muis met het keukenpapier en deed hem in een zakje. Daarna hinkte ik met een kruk van de trap af en gooide de muis weg in de stortkoker op de hoek van de straat. "Dag muis", zei ik. "Sorry".
De rest van de dag was Bojangles beledigd en liep hij zodra ik kwam aanhinken de andere kant op. En als wraak ging hij Bada Bing terroriseren. Ik had hem bijna achter de muis aan de stortkoker ingegooid. Hij heeft geluk dat hij zeven kilo weegt en ik het een beetje te veel gedoe vond om op krukken met een gillende kat in een plastic zakje over straat te gaan.


Categorie: levenstekens

24 September '08 - 20:39

de tegenwerking

"Als het herfst wordt, dan ga ik mijn leven beteren", prentte ik mezelf in.
Ik zou niet meer dagelijks wijn drinken, maar alleen als ik met vrienden zou zijn. Roken dat zou ik gewoon niet meer doen in plaats van te minderen. Ik zou weer met yogha beginnen. De buikspieroefeningen zouden weer van stal gehaald worden. Ik zou minder en gezonder gaan eten, meer groentes en fruit en van dat soort toestanden. Ik zou opletten of er niet te veel conserveringsmiddelen in eten zou zitten. De televisie en het de computer ging ik minder vaak aanzetten en in plaats daarvan zou ik weer meer gaan lezen. En, ik zou weer beginnen met Chi Neng. Jaren geleden deed ik dat een tijd bijna dagelijks en toen voelde ik me veel beter. Maar Chi Neng moet je eigenlijk elke dag doen en dat schoot er nog al vaak bij in. Ja ik deed het wel dagelijks niet.
Sinds een half jaar zijn mijn ouders ook toevallig gaan Chi Nengen en mijn moeder die totaal niet spiritueel is, echt niet van dat soort dingen houdt en zo'n nuchtere - met - beide - benen - op - de - grond - Nederlandse is, begon er steeds enthousiaster over te vertellen.
Dus ik moest ook weer. Als ik dan toch aan mijn gezondheid ga werken dan kunnen die twintig minuten per dag er ook wel bij.

"Weet je wat raar is", zei mijn moeder. "Ik kreeg best wel wat tegenwerking toen ik begon met Chi Neng".
"Tegenwerking", vroeg ik.
"Ja tegenwerking. Alsof ik het niet mocht doen. Alsof ik niet gezonder mocht leven".
"Tuurlijk mam", antwoordde ik. "Word jij nou ook een zwevert, net zoals papa?"
"Het was echt zo hoor. Dan kan je daar nu wel grapjes over gaan maken".

Afgelopen weekend begon ik met Chi Neng. Ik belde de yoga lerares om een afspraak te maken. Ik kocht kilo's fruit en groenten en vulde daar mijn ijskast mee. Vanaf zondag rookte en dronk ik niet meer. Ik las een boek uit, ik deed buikspieroefeningen, keek nauwelijks tv en raakte de pc al helemaal niet aan.

Maandag begon ik op het werk me grieperig te voelen. Maandagavond had ik koorts en begon ik te hoesten. En tot overmaat van ramp liet ik maandagavond ook nog een stuk aanrechtblad dat nog in mijn kamer stond om bij het grof vuil gezet te worden op mijn tenen vallen. Ik durfde in eerste instantie niet eens naar mijn tenen te kijken omdat ik bang was dat ze nog onder het aanrechtblad zouden liggen.
De volgende ochtend zat ik met vriend S bij de Eerste Hulp. "Tja, gebroken of gekneusd", zei de arts. "We maken geen foto's van tenen, behalve van de grote teen, maar dat maakt niet uit want het genezingsproces is hetzelfde. Een week niet te veel bewegen en zitten met je been omhoog en een kussen onder je voet. Als het over twee weken nog heel veel pijn doet dan kom je maar terug om een foto te maken".

En nu zit ik dus met mijn laptop op schoot op de bank met een kussen onder mijn voet dit stukje te typen. Ergens in mijn achterhoofd hoor ik mijn moeder 'tegenwerking' zeggen. Ik begrijp nu ongeveer wel wat ze daarmee bedoelde.


Categorie: levenstekens

19 September '08 - 14:15

de hoogwaardige cowgirl

Morgen heb ik een huwelijk van een oud-huisgenoot uit mijn studententijd. Het huwelijk heeft een thema en dus moet iedereen verkleed.
Mijn oud-huisgenoten en ik besloten als cowboys en -girls te gaan. Inclusief cowboyhoeden, cowboylaarzen, ruitjesoverhemden en veel leer en spijkergoed.
Alles is al geregeld, er moest alleen nog een restaurant gereserveerd worden om vooraf met z'n allen te gaan eten.
Die nobele taak zou ik wel op me nemen en dus belde ik gisteren het restaurant waar we wilden eten.

"Hallo, je spreekt met Kaat X. Hebben jullie toevallig nog een tafel voor acht personen aanstaande zaterdag om zeven uur?"
"Ik ga even voor je kijken. Ben je trouwens familie van...?"
Mijn achternaam is namelijk dezelfde als die van een hoogwaardigheidsbekleder.
"Nou...", grapte ik. "Dat is natuurlijk geheim".
"Ja, ja", zei de jongen. "Ik begrijp het al. Geheim. Haha. Wat leuk dat u komt eten. Ik zal een hele mooie tafel voor u reserveren. Wilt u bij het raam zitten?'
"Nou als dat kan prima, maar je hoeft geen u te zeggen hoor".
"Hartstikke goed", ging de jongen verder. "Ik heb een tafel bij het raam staan om zeven uur. Echt heel leuk dat jullie komen. Ik zal het rode tapijt alvast uitrollen. Tot zaterdag!"
"Tot zaterdag".

En nu verwacht dat restaurant aanstaande zaterdag hoog bezoek. Maar wie komen er? Acht cowboys en -girls.
Great. Awesome. Hiiiii Haaaa.


Categorie: levenstekens

15 September '08 - 19:33

de perfecte kastdeur

Mijn nieuwe keuken is van de Ikea. Een prachtige wit glanzende keuken van de lijn Abstrakt met alles er op en d'r aan. Grote ijskast, vriesgedeelte, mooi fornuis, afwasmachine, genoeg ruimte in die mooie witte kastjes.
Nou was het zo dat ik door het fiasco van de nieuwe ketel de kastjes moest ruilen omdat de andere (nog ruimere kastjes) niet meer pasten. Ook het aanrecht was te lang dus moest ik weer terug naar de Ikea.
Gelukkig vind ik dat niet erg. Want ik vind de Ikea fantastisch. En de geliefde van vriendin D wilde wel met me mee op m'n vrije dag, dus geen probleem. Samen sjouwden we de oude kastjes en aanrechtblad naar beneden, laadden alles in de auto en brachten het naar de ruildesk. Daar kon ik alles nog gewoon terugbrengen en omdat het een doordeweekse dag was, hoefden we niet lang te wachten.
In de Ikea werden we geholpen door een aardige mevrouw van de keukenafdeling en aangezien ik veel meer geld terug had gekregen dan ik nu moest betalen, besloot ik de nieuwe kasten maar gewoon te laten bezorgen. Gemak dient de mens.

Maar op de dag dat mijn nieuwe keuken erin gezet werd door de aardige klusjesman, kreeg ik 's middags een telefoontje van de bewuste klusjesman. "Bijna alles zit er in hoor", zei hij. "Alleen je gootsteenkast daar klopt de maat niet van en de hoge kast is een ander model. Bovendien heb je te veel kastjes gekregen en moet je ander model afzuigkap hebben, want deze past niet".
"Huh wat gek", zei ik. "Want ik had me juist laten adviseren door een aardige keukenafdeling mevrouw die me op het hart drukte dat alles nu moest kloppen".
"Dat is ook gek. Want je hebt voor de hoge kastdeur toch echt de Perfekt gekregen en niet de Abstrakt. Gelukkig nemen ze alles altijd meteen terug en krijg je dus ook nog eens extra geld terug".

Tja dat was ook nog eens zo. Het leek net alsof ik aan de Ikea ging verdienen. Elke keer dat ik iets moest ruilen, kreeg ik geld terug. Elk voordeel heb z'n nadeel. En ik ben ook nog eens dol op Ikea. Maar niet op zondag. Op zondag is de Ikea hel. Dat weet ieder normaal denkend mens. Ieder normaal denkend mens zeg ik en dus niet die gezinnetjes die op een regenachtige zondag hun kinderen in de ballenbak dumpen en zelf Zweedse balletjes gaan eten. En dus niet wanhopige vrouwen die nu eindelijk wel eens de keuken er volledig in gemonteerd willen hebben gebouwd en wiens vrienden alleen maar kunnen helpen met sjouwen op een zondagmiddag.

En dus ging ik met vriendin D en dezelfde geliefde V naar de Ikea. Op een regenachtige zondagmiddag. "Ze kennen me daar inmiddels al bij naam", grapte ik in de auto. "Als ik aankom dan staan ze al met een kop koffie klaar omdat ik lid van de family ben".
Op de parkeerplaats kregen we al moordneigingen. Opeens had ik veel meer begrip voor het incident van een aantal weken geleden. Je wordt gewoon ontoerekingsvatbaar op die parkeerplaats op zondag.
Eerst stond ik tien minuten te wachten op een plek die door iemand die net kwam aanrijden, werd ingepikt. Toeteren en vloeken had geen zin. De oranje Opel Kadet uit het jaar nul totaal los rammen, leek een betere optie, alleen vond ik dat zielig voor de Rottweiler op de achterbank.
Vervolgens stond ik meer dan tien minuten te wachten op een vrouw die tergend langzaam haar auto inlaadde met haar net gekochte spulletjes.
"Nu heb ik er genoeg van", zei vriendin D. "Ik ga haar wel even helpen".
Maar dat hoefde niet van de vrouw. "Nee, ik doe het zelf", snauwde ze D toe die het alleen maar goed bedoelde en altijd efficiënt met haar tijd wil omgaan.

Bij de servicebalie zagen we het onraad al. Een rij van hier tot de Ikea in Enschede en het nummertje dat ik trok, beloofde niet al te veel beterschap. Er waren nog dertig wachtenden voor me.
"Weet je wat", stelde mijn efficiënte vriendin D voor. "We splitsen op. Jij gaat die spullen terugbrengen. Wij gaan de nieuwe spullen alvast halen".

Dat vond ik een uitmuntend idee. En dus wachtte ik bij de service balie terwijl D en V als een soort commando's door de Ikea renden om de juiste spullen te zoeken en alle mensen te omzeilen die op hun janboerenfluitje door de Ikea wandelden op weg naar de Zweedse ballen.

Ik was bijna aan de beurt toen mijn telefoon ging. Vriendin D. "Houston, houston, we have a problem. Die hoge kast van jou, die hebben ze helemaal niet in die maat. Wat nu?'
Tja wat nu? "Ik bel L de klusjesman wel even", antwoordde ik.
L had natuurlijk een oplossing. L is perfect moet je weten. "Of je koopt een hogere deur", stelde hij voor. "Dan zaag ik die bij, of je koopt twee kleine deuren die samen precies dezelfde maat zijn".
"Goed idee", riep ik en belde meteen vriendin D.

Vlak daarna was ik aan de beurt, werd ik weer perfect geholpen en rende ik al bellend door de Ikea om te vragen waar D en V nu waren. Ik vond ze op de keukenafdeling.
"We zijn je afzuigkap aan het bestellen", zei D. "En ik heb een verrassing. Die hoge kastdeur hebben we toch gevonden".
"Aaah perfect", riep ik. En dat was ook zo. Want de hoge kastdeur die we mee naar huis namen was inderdaad de Perfekt en niet de Abstrakt die ik moest hebben. Dezelfde deur als die ik net had teruggebracht.
En dat had ik natuurlijk weer niet gecontroleerd omdat ik dolblij was dat de juiste maat gevonden was en ik zo snel mogelijk uit de Ikea wilde.

Maar nu kan ik dus weer naar de Ikea. Op zondagmiddag omdat ik op de andere dagen niet kan. Gelukkig kennen ze daar mijn naam en schenken ze hele lekkere koffie. En ik denk dat ik die 2 meter 17 hoge deur maar mee neem in de metro.


Categorie: levenstekens

11 September '08 - 18:54

de halve lens waardoor ik verplicht aan de bril moest

Sinds kort heb ik daglenzen. Ik dacht dat dat makkelijk zou zijn. Geen gedoe met schoonmaken en zo. Gewoon elke dag nieuwe lenzen en de oude in de prullebak. Weg ermee. Doeg!
Maar daglenzen zijn helemaal niet makkelijk. Verre van zelfs. Omdat ze zo flinterdun zijn, krijg ik ze heel makkelijk in mijn ogen, maar eruit halen is een hels karwei. Al had ik er een truukje voor gevonden. Een dag of drie werkte het truukje uitstekend en toen liet het truukje me in de steek. Ik probeerde mijn lens uit mijn oog te halen en dat lukte half. Ja half ja. Want de helft van de lens bleef achter in m'n oog. Daar liet ik het natuurlijk niet bij zitten. De lens moest uit m'n oog. Dus pielde en pielde ik, zonder succes. Ik gaf de strijd met de halve lens maar op en noemde het een dag en ging slapen. Na een hele nacht met een halve lens en een oog dat protesteerde gezeten te hebben, kreeg ik de volgende ochtend gelukkig hulp en kwam de lens er uit.
De rest van de dag hield ik mijn bril maar op. Nou is mijn bril een aantal jaren oud. Hij is nog wel fashionable, maar niet meer hip. En ik voel me toch minder Kaat, maar meer intellectuele schooljuf met bril, maar mijn lens op mijn pijnlijke oog proppen, was ook geen optie.
Op maandag deed mijn oog nog steeds pijn. En dus ging ik naar mijn werk mét bril. De reacties van mijn collega's waren hartverwarmend. "Staat je goed die bril". "Je ziet er zo veel intelligenter uit" (en bedankt). "Ik vind het wel sexy zo'n bril". En de beste: "Hé, er is iets anders aan je? Ben je naar de kapper geweest?"
Maar goed, om een lang verhaal wat korter en dus ook draaglijker te maken, de volgende dag werd ik wakker met een dik oog. Gelukkig kon ik meteen bij de huisarts terecht. Die spoot een oranje goedje in mijn oog, wat ik zo afgelopen juni vond, en concludeerde dat mijn hoornvlies beschadigd was. Hij wilde het zekere voor het onzekere nemen en stuurde me meteen door naar het ziekenhuis om te kijken hoe erg het was.
In het ziekenhuis lieten ze me een heel fijn plaatje van een verwaarloosde hoornvliesbeschadiging zien en concludeerden ze dat het gelukkig niet zó erg was en dat een antibiotica zalfje me er na een week wel bovenop zou helpen. Nee, ik hoefde geen piratenlapje op mijn oog, want daar was ik wat huiverig voor.
"Hou voor de zekerheid de rest van je week je brilletje maar op", zei de oogarts.
"Mijn brilletje op", vroeg ik twijfelend. "Kan ik niet gewoon één lens in? Door dat zalfje zie ik toch al troebel".
"Ja dat kan ook. Maar die bril vangt je rechteroog nog een beetje op".

De rest van de week deed ik braaf mijn bril op. Iets waar ik toch echt niet blij mee ben want inmiddels heb ik pijn aan mijn oren en neusschotje. En mijn oog doet ook nog pijn. Bovendien mag ik er absoluut niet in wrijven en die bril vormt toch een soort van hindernis, mocht ik dat onbewust toch willen doen.
Gelukkig hoeft het hopelijk maar een week. En mag ik volgende week gewoon weer die maandlenzen, die ik meteen besteld heb, weer in.
Alles beter dan die bril. Of een piratenlapje natuurlijk.


Categorie: levenstekens

08 September '08 - 21:58

de Spaanse kip

En toen had ik opeens weer een keuken. Het heeft 'even' geduurd, maar die keuken was het wachten dubbel en dwars waard. In de nieuwe keuken moet natuurlijk gekookt worden en dus ging ik voor de eerste keer in mijn nieuwe keuken (wat klinkt dat toch fijn) koken voor vriendin D en haar vriend V. Als revanche voor het feit dat ik de afgelopen maanden zo'n 58 keer bij hun gegeten heb vanwege mijn gebrek aan keuken.

"Is er iets waar V niet van houdt", vroeg ik aan D door de telefoon.
"Hij houdt niet van vis", antwoordde zij.
Wilde ik nou net vis klaarmaken. Nou was mijn poging de hele maand vegetariër te zijn al mislukt toen ik met vriendin J bij l'Entrecote ging eten, thuis had ik nog geen vlees bereid. V is een stoere man en D is niet zo van het geen vlees eten en ik moest en zou hun in de watten leggen. Daarom kocht ik toch maar een Spaans gekruide scharrelkip voor in de oven. Had íe in ieder geval nog een beetje rond kunnen lopen, voordat 'ie op ons bord belandde. En V komt uit Spanje, dus vond ik het wel passend een Spaanse kip te kopen. Begrepen ze elkaar tenminste een beetje.
Als bijgerecht bereidde ik een risotto met asperges, bimi, kastanjechampignons, verse munt en dito peterselie in het sap van twee limoenen. Als ik kook voor vrienden op een zaterdag dan neem ik geen halve maatregelen.

De hele zaterdag was ik bezig met opruimen, schoonmaken, inruimen, mijn (nieuwe) afwasmachine vier keer laten draaien en boodschappen doen.
Toen D en V om acht uur arriveerden was mijn huis spik en span, brandden de kaarsjes, stond er een fijn muziekje op, was de oven al aan het voorverwarmen en had ik de wijn en het bier al koud en de borrelhappen op de salontafel.
Ze waren er echt van onder de indruk. Vooral omdat mijn huis de afgelopen maanden status kinderboerderij had gekregen, met de hele keuken die al door mijn huis stond en de keukenspullen overal verzameld.

Ik schonk de drankjes in en we aten de borrelhapjes. Een uur later haalde ik de kip uit de ijskast om 'm in de oven te stoppen. En toen rook ik het. Een penetrante spekgeur die de kip overheerste. En spek, tja, dat eet ik dus niet. Daar maak ik geen uitzonderingen voor.
D kwam kijken hoe het ging.
Wijzend naar de kip zei ik: "Nou.... die kip... die kan ik dus zelf niet eten" en ik legde uit waarom niet.
"Oeps", zei D.
"Ja zeg dat wel". Gelukkig had ik er nog een goedgevulde risotto naast.

En zo was het eerste gerecht dat ik in mijn nieuwe oven bereidde, iets dat ik zelf niet eet. De eerste maaltijd uit mijn mooie nieuwe keuken, daar kon ik zelf niet volledig van genieten. Ik at verplicht vegetarisch.

Gisteren kocht ik boodschappen voor de komende dagen. Griekse fetaburgers, rijst met nepvlees en forel met spinazie in citroensap. Want tja, hoe duidelijk wil je het hebben?


Categorie: levenstekens

03 September '08 - 19:33

het Paleis voor Volksvlijt


Zie hier het Paleis voor Volksvlijt. Dit was een groot glazen paleis aan het Frederiksplein in Amsterdam.
De Amsterdamse arts Samuel Sarphati, die heel veel voor de stad heeft betekend, zorgde er voor dat het gebouw werd gebouwd omdat hij wilde dat Amsterdam ook een volwaardig tentoonstellingsgebouw zou krijgen. Op 16 augustus 1864 werd het gebouw geopend.
Al snel bleek dat exploitatie als tentoonstellingsgebouw niet haalbaar was. Het Paleis voor Volksvlijt werd uiteindelijk een vermaakscentrum.
In de nacht van 18 op 19 april 1929 werd het paleis door brand volledig verwoest. Een gedeelte van het paleis, de galerij, bleef gedeeltelijk gespaard, maar het hoofdgebouw is nooit meer herbouwd.
In 1960 werd de galerij echter afgebroken om plaats te maken voor het gebouw van de De Nederlandsche Bank.

Vriend T had een tijdje geleden wat gelezen over het paleis en vertelt er nu vaak over. Gelukkig had ik de kleine Geschiedenis van Amsterdam gelezen, dus kon ik er over mee praten. Vriend T heeft het nu zo vaak over het paleis dat we er zelfs grapjes over maken.
Op een vlak ben ik het volledig met hem eens. Het gebouw van de Nederlandse Bank is geen mooi gebouw. Sterker nog het is zelfs een lelijk gebouw. Helaas is het paleis nooit meer herbouwd wat erg jammer is, want het gebouw zou zeker een aanwinst voor de stad zijn geweest. Zo gaan die dingen. Mooie gebouwen worden verwoest en er komen lelijke gebouwen voor terug.
In de Nederlandse Bank is een gedeelte van onze Nederlandse goudvoorraad geherbergd. Dat maakt het gebouw toch wel waardevol. Van binnen schijnt de bank zowiezo heel mooi te zijn.

Vandaag moest ik even aan het Paleis voor de Volksvlijjt en de Nederlandse Bank denken. Het is eigenlijk zoals met heel veel dingen. Soms houdt iets moois op en lijkt er iets lelijks voor terug te komen. Maar dat lelijke kan ook heel mooi zijn. Wat van de buitenkant in eerste instantie lelijk lijkt kan van binnen heel mooi en heel waardevol blijken. Je leert het waarderen.
Mijn eerste kamer in Amsterdam was om de hoek van de Nederlandse Bank. Ik ben het gebouw gaan waarderen en er zelfs een beetje van gaan houden. Net zoals er andere mensen en dingen in mijn leven zijn die ik ben gaan waarderen en waar ik nu zelfs van hou.
Amsterdam heeft nog genoeg mooie gebouwen over om een prachtige stad te zijn. Ik heb ook nog genoeg mensen en dingen over om een prachtig leven te leiden.




Categorie: levenstekens

01 September '08 - 12:58

mijn Internetverbinding die er niet is (of meestal niet is)

Het begon toen ik mijn bijdrage voor het huwelijk van mijn neef moest versturen. Mijn Internet leek eerst te haperen en viel toen helemaal uit.
De volgende dag leek alles het gewoon weer te doen. ’s Avonds deed ik mijn administratie en maakte ik al mijn openstaande rekeningen over. Toen ik alle bedragen, rekeningnummers, gegadigden enz. enz. had ingetypt, pakte ik m’n random reader. Op het moment dat ik de code intypte die mijn random reader me voorschreef, gebeurde het. Weg Internetverbinding. Godverdegloeiende teringzooi. Was ik me toch net een uur mee bezig geweest. Tjonge, jonge.
Ik probeerde mijn modem tijdelijk uit te zetten en dat werkte, een minuut ongeveer, daarna was de verbinding weer weg.

Vorige week belde ik de UPC. Of er misschien iets mis was met de connectie bij mij in de buurt. Dat was niet het geval.
“Ik probeer uw modem wel even uit te lezen mevrouw”.
Maar ook met het modem was niets mis. En omdat ik niet thuis was, kon hij me niet verder helpen.
“Misschien moet u als het Internet weer uitvalt, proberen niets te doen. Dus het modem niet proberen te resetten, maar gewoon aan te laten”.

Ja natuurlijk. Prima tip. Alleen jammer dat de tip niet werkte.
En nu voel ik me dus een beetje geamputeerd. Omdat Internet het elke keer maar zo’n vijf minuten doet en dan uitvalt. Adem in, adem uit.
Elke keer als ik Internet echt nodig heb, doet het het niet. Maar goed, dat zal wel een reden hebben. Adem in, adem uit.

Gisteren ging ik speciaal naar vriendin D om mijn interview met Marjolijn voor de septembereditie van About:Blank uit te werken. Die deadline moest gehaald worden.

Vanavond bel ik nog maar eens met de UPC. Ik hoop dat ze me nu wel verder kunnen helpen. Want, en het is echt vreselijk om toe te moeten geven, ik kan niet meer zonder Internet. Hoe deed ik dat in godesnaam zo’n tien jaar geleden? Ik weet het echt niet meer.


Categorie: levenstekens

27 Augustus '08 - 22:00

naar de dierentuin

Laat ik beginnen met alvast mijn excuses aanbieden. Dan hebben we dat alvast gehad.
'Ik bied mijn excuses aan alle moeders die zich door het komende logje beledigd voelen'. Zo.

Totdat ik zelf ooit kinderen krijg, is dochter R van mijn vrienden L en A het leukste kind dat er is. R is grappig, leuk, charmant, innemend, schattig, mooi en hartstikke slim. Dus toen R een paar weken geleden mij vertelde dat ze best een keer met mij naar de dierentuin wilde, smolt ik en zei ik meteen dat dat goed was.
En dus plande vriendin L en ik een dierentuinuitje. Tijdens het plannen, bedacht ik dat het misschien ook wel leuk zou zijn als mijn zusje zou meegaan en zo geschiedde.
Afgelopen zondag togen vriendin L, dochter R, zusje S, au-pair S en ik naar niet zo maar een dierentuin, maar naar Burgers' Zoo. Een dierentuin waar dieren ook nog een beetje de ruimte hebben en die je eigenlijk niet in een dag kan doen.

In de auto bereidden L en ik de in oktober drie jaar wordende R voor op het feit dat mijn zusje niet kan praten. Dat had L haar al verteld, maar voor de zekerheid zeiden we het nog maar een keer.
R was even stil, keek vragend voor haar uit en vroeg toen verbaasd: "Maar is het zusje van K dan een baby?"
Dat was natuurlijk een uiterst plausibele conclusie. Want tja, als je niet kan praten, dan moet je wel een baby zijn. Alleen is S geen baby. Sterker nog, S was afgelopen vrijdag 31 jaar oud geworden.
"Sommige mensen kunnen niet praten", zei ik. Ook dat vond R logisch, want zij hield ook wel eens haar mond.

"En dan gaan we eerst naar de papa en mama van K", vertelde L. "En daarna naar de dierentuin".
Bij mijn ouders gearriveerd vond R het lastig om te geloven dat mijn ouders mijn ouders waren. Het waren toch meer een soort opa en oma.
Maar na een paar minuten had ze het wel begrepen. Haar opa en oma waren immers ook de ouders van vriendin L.

In de dierentuin aangekomen keken R en S hun ogen uit. We wandelden de route en bekeken de dieren. Van de chimpansees was R echt onder de indruk.
"Kijk een baby aap met zijn moeder", wees ik.
"Die mama aap kan ook niet praten hè", zei R.
"Nee, die kan ook niet praten".
"Maar die is ook wel heel groot".
"Precies".

Het feit dat mijn zusje niet kan praten, bleef intigreren, maar begon ze toch steeds logischer te vinden. Mensapen konden toch ook niet praten.

Toen mijn zusje de speeltuin in de smiezen kreeg, waar we niet naar toe gingen, omdat mijn moeder me op het hart gedrukt had daar niet naar toe te gaan omdat we S daar nooit meer uit zouden krijgen, begon zusjelief een beetje stampij te maken.
"Is ze boos", vroeg R bezorgd.
"Een beetje"
"En moet ze huilen?"
"Omdat ze niet kan praten, gaat ze eerder huilen. Net zoals een baby".
Ook dat was een erg plausibele uitleg.

Even later zaten we op een terrasje en dronken L, de au-pair en ik een drankje terwijl R en S aan een ijsje zaten.
"Jij bent een mama zonder kinderen hè?"
"Ja, zoiets".
Want uitleggen dat sommige vrouwen van onze leeftijd nog geen mama zijn, vonden L en ik te ver gaan.

Nadat we bijna alle dieren gezien hadden, S en R toch wel moe werden en we in Burgers' Ocean eindeloos op zoek naar Nemo waren geweest en die gelukkig uiteindelijk gevonden hadden (anders sloeg die titel van de film natuurlijk nergens op), besloten we naar huis te gaan.

We aten nog taart voor mijn zusjes verjaardag bij mijn ouders en zongen 'Lang zal ze leven'.
R zong heel hard want ze zong ook voor S zelf. Dat kon S namelijk ook niet, vertelde R mijn vader.

In de auto terug zette we een kinderliedjes cd op, zodat L en ik nog konden nakletsen en R een beetje zou kunnen luisteren.
Opeens onderbrak ze ons gesprek.
"S kan niet praten hè?"
"Nee, S kan nog steeds niet praten", lachten L en ik.
"Maar ze kan wel heel mooi fluiten en geluidjes maken".

En zo is het maar net.
Een klein uur later zetten L en R mij thuis af.
Ik kreeg een grote kus van R en ze beloofde me dat we snel weer naar de dierentuin zouden gaan. Gelukkig maar.

Later belde L me nog na om te vertellen dat R in geuren en kleuren over S verteld had aan haar vader en broertje. S kon niet praten, maar was wel heel lief en kon prachtige geluidjes maken. "Dat doet ze zo. Piep piep piep", had R verteld.
L was blij dat de kleine meid mijn zusje had leren kennen. Zodat ze zou weten dat normaal niet altijd standaard hoeft te zijn. L had het zelf ook een geweldige dag gevonden.

Ook mijn zusje had van de dag genoten en was zo moe dat ze om acht uur al vrijwillig was gaan slapen.
En ook ik had een prachtige dag gehad. Alleen was ik zo moe van al het lopen, de kleine R en mijn zusje dat ik zelf de rest van de avond ook niet meer kon praten.


Categorie: levenstekens

23 Augustus '08 - 11:24

toiletgesprekken

Vriendin J en ik zitten aan de bar in de nieuwe cocktailbar. De bar is pas net open en er zit een mix van toeristen, penose, wannabe Gooise jongetjes die bij de penose hangen en wat mensen zoals wij. We voelen ons helemaal thuis. Dat we een half uur op onze cocktails moeten wachten, dat geeft niet. Er is genoeg te bekijken.

"Ik moet even naar de wc", zeg ik tegen J terwijl ik van m'n kruk afspring. Voor de wc's moet ik het hele hotel waar de bar bij hoort door. Bij de receptie de lift in en dan naar de tweede verdieping.
Als ik op de wc zit en net klaar ben, hoor ik wat mensen binnenkomen.
"Een groot nadeel van de wc's is", hoor ik een vrouw zeggen, "dat je alles hoort. De deurtjes zijn van boven en onderen open dus je hoort anderen kletteren".
'Ja dat klopt', denk ik. 'Ik hoor jullie ook letterlijk'.
"Hoe wist je dat dan al", vraagt een andere vrouw.
"Omdat ik hier toch vorige week met Brian heb gedronken", antwoordt ze. "Je weet wel, Brian, mijn grote liefde, waar ik zo veel van geleerd heb", schreeuwt ze nu. Het woord 'grote' spreekt ze lang en ironisch uit.
"Oh ja", zegt de andere vrouw.
"Ik wilde er wel voor vechten hoor", gaat de eerste vrouw dramatisch door. "Maar hij moest zo nodig vreemdgaan met Anna. Anna die ook nog eens het lef heeft, vanavond bij ons aan tafel te zitten".
'Laat ik nog maar even wachten', denk ik terwijl ik nog steeds op de wc zit.
"Anna kan er toch niks aan doen", zegt de andere vrouw. "Het is toch echt Brians schuld".
"Als zij met haar tengels van hem was afgebleven, dan hadden wij door kunnen vechten", schreeuwt de dramatische vrouw. Bij 'zij' en 'tengels', krijst ze bijna.
'Ja, ik wacht wel even', denk ik.
De vrouwen praten door over Anna en Brian en inmiddels hoor ik de vrouw snikken.
Ik bedenk me dat J nu al ongeveer een kwartier alleen zit en verzamel moed om de wc uit te gaan en mijn handen te wassen. Uiteindelijk doe ik dat ook en loop ik stoïcijns zonder de vrouwen aan te kijken naar de wasbak. De vrouwen staren flabbergasted naar me en zeggen niets meer.

Als ik terugkom, zeg ik tegen J: "Wat ik nou heb meegemaakt" en ik vertel de gebeurtenis in geuren en kleuren.
De dames komen ook terug van het toilet en blijken vlakbij ons te zitten. Wij moeten moeite doen om niet naar ze te staren.
Alsof er niets gebeurd is, schuiven ze weer aan de tafel waar ze blijkbaar zaten en ze lachen en praten gewoon door met de anderen.
Om twaalf uur zingen ze 'lang zal ze leven' voor een van de vriendinnen. Het ziet er vrolijk uit.

"Ik ben toch zo benieuwd wie die Anna nou is", zegt J tegen mij.
"Ik ook", antwoord ik.
We bestuderen de vrouwen en speculeren wie Anna nou kan zijn. We komen er niet uit. Alle vrouwen doen even normaal tegen elkaar. Zelfs de dramatische.
"Zullen we even naar de tafel toelopen en vragen wie het nou is", zegt J.
"Of we lopen er naar toe en dan zeggen we: 'Hallo, wie van jullie is Anna? We hebben telefoon voor haar. Een zekere Brian wil haar spreken'".
We lachen heel hard om onze eigen grappen.
Het beste vermaak is toch soms echt leedvermaak.