Categorie: levenstekens

30 Januari '07 - 21:36

geduld is de beste zaak

"Wat is het toch moeilijk zeg. Een baan vinden die je echt leuk vindt", verzuchtte ik de afgelopen maanden behoorlijk vaak tegen mijn lief, familie en vrienden.
"Gewoon een beetje geduld hebben, dan komt je droombaan vanzelf voorbij. Geduld is een schone zaak".
'Ja, ja', dacht ik dan. Inmiddels had ik een bloedhekel aan het gezegde. En ik vond het makkelijk praten van al die mensen die zelf een leuke baan hadden. Ik sprak het nooit hardop uit, maar ik was best wel een beetje wanhopig. Ja ik had wel wat leuke projecten, maar ik wilde nu ook wel eens die baan waar ik echt
gelukkig van zou worden.
Ik struinde vacaturesites af en besloot maar te gaan reageren op banen waarvan ik tenminste zeker wist dat ik er voor een gesprek uitgenodigd zou worden. Maar dan kwam ik weer binnen en dacht ik meteen: 'Nee, dit is het niet. Hier voel ik me niet thuis'.

En toen werd ik benaderd door een bedrijf waarvan ik dacht: 'Ach je kan altijd praten'.
's Ochtends vlak voordat ik naar de sollicitatie toeging, keek ik nog even op de site en schrok dat ik zo laks was geweest. Dit was helemaal wat ik zocht.

Op het moment dat ik binnenkwam, wist ik het al. Hier wilde ik werken. Hier moest ik werken. Ik geloofde in het bedrijf. En zij geloofde in mij. Ik mocht meteen op een tweede gesprek komen. En in dat tweede gesprek werd niet meer gepraat over mijn ervaring. In het tweede gesprek werd gepraat over mij en hoe ik in het leven stond en wat ik leuk vond om te doen en te gaan doen.
We hadden een klik, die heren en ik. En met een voldaan gevoel liep ik naar buiten. Ik wist dat het goed zat.

Vandaag kreeg ik een voorstel. Ze zijn boven m'n salariseis gaan zitten. Dat betekent dat ik veertig procent omhoog ga vergeleken met mijn vorige vaste baan. En ik krijg een mobiel waarvan de kosten totaal vergoed worden en een geile Mac laptop. Bovendien ga ik iets doen wat ik altijd al wilde doen. Ik ga reizen voor m'n werk. Mijn gebied wordt Europa, Rusland, de Oostbloklanden, het Midden Oosten en Afrika. Mijn gebied wordt 'the rest of the world aka the best of the world'. Ik ga heel veel leren en mezelf ontplooien. Want zij geloven in mij, dat ik het kan. En ik kan het ook.
Ik word Mediamanager van een nieuw, groeiend, dynamisch, cool en inmiddels zelfs al beursgenoteerd bedrijf.

Geduld is niet alleen een schone zaak. Geduld brengt je bij de beste zaak.

Zo... nu ga ik de fles champagne opentrekken die al een half jaar in de ijskast ligt te wachten op een goede reden om gedronken te worden.


Categorie: andermans veren

29 Januari '07 - 00:23

Cinema Paradiso

Lang, lang geleden, ik moet een jaar of vijftien zijn geweest, zei mijn vader tegen me: "K we gaan vanavond naar de film. Er is een film die ik heel graag wil zien die in de bioscoop draait".
Dat vond ik een goed plan. Totdat ik hoorde dat de film Italiaans was en zich grotendeels in de jaren veertig afspeelde. Als vijftienjarige was ik meer van de romantische komedies en ik voelde de bui al hangen, dat ging vast heel saai worden.

Een paar uur later zaten we samen in de bioscoop. Ik had me voorbereid op het ergste, maar vanaf het moment dat de film begon zat ik er al helemaal in. De film raakte mijn recalcitrante puberhart en ik ging volledig op in de vriendschap tussen een klein jongetje, wiens vader niet terug komt uit de oorlog en de norse oudere man die de films afdraait in de plaatselijke bioscoop van een klein dorpje in Italië.

Ik weet niet of het hem herinnerde aan zijn jeugd, of dat hij zelf ooit zo'n soort vriendschap heeft gehad, maar aan het einde van de film pakte mijn vader mijn hand en hield hem heel stevig vast. Zelf zat ik al met tranen in mijn ogen, maar toen ik naar mijn vader keek, zag ik dat dat de tranen over zijn wangen stroomden.
Mijn vader huilt bijna nooit. Maar als hij huilt dan is het ook echte emotie. Dan weet ik dat er meer achter zit. En als hij huilt, dan huil ik in het kwadraat mee. Zijn pijn wordt mijn pijn, al weet ik nooit precies de reden van zijn verdriet. Want ik lijk op mijn vader. En als wij een ding niet kunnen dan is het praten over wat ons echt pijn doet. Het onverwerkte verdriet stoppen we beiden weg en maskeren het met humor. Er zijn kamertjes in ons hart waar de deur van op slot zit en waar niemand bij mag, zelfs degenen niet die we het meest lief hebben.

In de auto naar huis zeiden we bijna niks tegen elkaar. Totdat mijn vader mijn hand pakte, die kuste en zei: "K, degene waar je echt van houdt, degene waar je oud mee wil worden, moet je toelaten in je hart en je verdriet mee delen. Anders zal je nooit een echt goede relatie hebben. Maak niet de fout die ik heb gemaakt, ik heb je moeder veel te laat toegang gegeven tot mijn emoties".
Ik was nog maar een puber, maar begreep wel wat hij bedoelde. En ik heb nooit vergeten wat hij die avond tegen me zei.

Jaren later was Cinema Paradiso met kerst op tv, maar dat wist ik niet. Ik was bij mijn ouders thuis en zapte langs wat kanalen. Totdat ik opeens op de begintune van die film stuitte en daar bleef hangen. Mijn vader en ik keken elkaar aan met een blik van herkenning en we besloten meteen de film weer te gaan bekijken. Al wisten we precies wat er zou gaan gebeuren, weer zaten we aan het einde beiden te snikken en mijn moeder ook. Maar mijn moeder huilt al tranen met tuiten bij de waargebeurde verhalen op woensdag bij RTL4 dus dat telt minder.

Inmiddels heb ik Cinema Paradiso al minstens vijf keer gezien maar het blijft m'n lievelingsfilm. Niet alleen omdat het voor mij de mooiste film ooit gemaakt is, maar ook omdat het symbool staat voor de band met mijn vader en ons gemeenschappelijke verdriet.

Vandaag kwam ik thuis en zette een verzamelcd van filmmuziek op. Halverwege de cd stond de filmtune van Cinema Paradiso. Mijn lief kwam argeloos de zitkamer binnen en keek geschrokken naar me, omdat hij me opeens met tranen in mijn ogen op de bank zag zitten.
"Wat is er", vroeg hij bezorgd.
"Niks", snikte ik.
"Echt niet?"
"Heb jij Cinema Paradiso gezien?"
"Volgens mij wel, hoezo?"
"Zullen we die binnenkort eens samen kijken?"
"Ja dat is goed, maar hoezo dan?"

Sommige dingen kan je niet met zoveel woorden uitleggen. Maar vandeweek gaan we samen naar Cinema Paradiso kijken. Omdat ik het nu wel eens tijd vind worden om DLVML toe te laten tot de kamertjes in mijn hart die tot nu toe voor iedereen gesloten bleven.



Categorie: levenstekens

27 Januari '07 - 10:50

sollicitatieperikelen

Vorige week, toen Nederland in rep en roer was omdat een storm het land teisterde, had ik een sollicitatie in Hilversum. Ik was op tijd weggegaan zodat ik alle aansluitingen die ik moest hebben op m'n pantoffels zou halen.
Om een lang verhaal kort te maken; alles ging mis. De trein had vertraging, daardoor miste ik de volgende trein en moest ik de bus halen die ik in eerste instantie te laat had gevonden om op tijd op de afspraak te zijn, maar nu nog m'n enige optie was om er op de afgesproken tijd aan te komen.
Toen ik eindelijk aankwam op het busstation van Hilversum, vermoedde ik al het ergste. Er stonden veel te veel mensen en op het bord wat de bussen aankondigde, was mijn bus in geen velden of wegen te bekennen. Het werd laat en later en het werd het tijdstip van mijn afspraak. Ik had mijn routeplanner en het telefoonnummer van degene met wie een gesprek zou hebben uitgeschreven op een papiertje en pakte mijn mobiel om de man te bellen dat ik later zou zijn. Op dat moment begon het opeens weer enorm te waaien en het papiertje, mijn houvast, vloog door de lucht richting kerkklok. Dat was de limit. Ik rende naar de taxistandplaats, maar daar stonden ook al tientallen mensen te wachten en er stonden maar een paar taxi's. In de verte zag ik een taxi bij het stoplicht staan. Op mijn laarzen met hakken van minstens 10 centimeter trok ik een sprintje. Ik trok de deur open van de taxi en riep: "Ik heb een sollicitatie en ik moet er al zijn! Mag ik met u mee?"
De man keek me met medelijden aan. "Ik moet eigenlijk iemand ophalen mevrouw. Maar waar moet u naar toe? Misschien kan ik u eerst brengen?"
Gelukkig bleek mijn locatie niet ver te zijn en besloot hij mij voorrang te geven.

Tien minuten te laat kwam ik bezweet, verregend en verwaaid bij het bedrijf aan.
"Sorry dat ik iets te laat ben", zei ik tegen de directeur.
"Geeft niks joh. Ik wilde je al bellen dat je rustig aan moest doen, het is zulk noodweer", was zijn antwoord.

Het gesprek ging goed. Aan het einde van het gesprek liet hij al weten dat hij nog een gesprek wilde plannen. Als ik tenminste nog interesse had. Dat had ik wel. Dat had ik zeker zelfs. En dus toog ik gisteren weer naar Hilversum voor een tweede sollicitatie waar nu de andere directeur ook bij zou zitten.

Weer ging ik op tijd weg. Weer miste ik een aansluiting en weer kwam mijn bus niet opdagen. En weer regende het pijpestelen terwijl ik mijn haar nog wel zo mooi steil had gefohnd. Ik besloot niet langer te gaan wachten, maar dezelfde tactiek als vorige week toe te passen en dus rende ik naar de taxistandplaats. Gelukkig stonden daar nu bijna geen mensen en kon ik na een minuut al instappen bij toevallig dezelfde taxi als vorige week die me enthousiast begroette met de vraag: "Goed gegaan vorige week zeker?"

Wat minder bezweet, maar zeker zo verregend en verwaaid als de week ervoor kwam ik op het afgesproken tijdstip aan.
Ik werd enthousiast verwelkomt door dezelfde directeur als vorige week die me vertelde dat we nog even moesten wachten omdat zijn collega in de file stond.
We kletsen wat over ditjes en datjes en na een half uur kwam de andere directeur binnen.
Het gesprek liep weer erg fijn. We hadden 'een klik' en ruim anderhalf uur later wandelde ik pas de boardroom uit.

"Mag ik nog even van jullie toilet gebruik maken", vroeg ik terwijl ik de heren een hand gaf.
Dat mocht.
Nadat ik het lichtknopje in het toilet had aangeklikt, keek ik in de spiegel naar mijn spiegelbeeld. Een verregende kaat met een soort langharige afrocoupe en doorgelopen mascara die ongeveer op m'n kin zat, keek terug. Ik schrok er van, maar haalde mijn schouders op.
Het gesprek was in ieder geval goed gegaan. En ik ben natuurlijk multi-inzetbaar; als ik het als mediamanager niet goed doe, kunnen ze me altijd nog op personeelsfeestjes laten optreden als verwaaid pierrotje.


Categorie: levenstekens

25 Januari '07 - 19:17

blij dat ik geen jongetje ben

'Verrek, dat plasje is bevroren', dacht ik toen ik vanavond naar huis fietste.
'Eens even testen of het fietspad ook bevroren is, dan weet ik of ik moet oppassen'.

En daar ging het mis.
De reactie in mijn hersenen signaleerde niet dat ik al op had moeten passen.

Ik trapte op m'n terugtraprem en vrijwel meteen veranderde mijn fiets van een fiets in een flipperkastballetje.
Hoe het kan op twee wielen, weet ik niet maar ik ging van links naar rechts en raakte toen heel hard de stoeprand.

Over het algemeen ben ik al heel erg blij dat ik geen jongetje ben, maar vandaag was ik heel blij dat ik geen jongetje ben. Al merk ik wel dat mijn borsten daar anders over denken.


Categorie: levenstekens

24 Januari '07 - 19:07

de traumahelicopter

Momenteel werk ik op een kantoor dat achter het VU ziekenhuis in Amsterdam ligt. Onze kamer bevindt zich op de bovenste verdieping van het gebouw en af en toe vliegt er een trauma helicopter voorbij die iemand gaat ophalen of afleveren.
Elke keer als er zo'n gele levensredder voorbij komt, dan denk ik even aan Stacey en haar moeder, die ik op de conferentie van het Goede Doel, waar ik me voor in zet, vorig jaar in Jeruzalem ontmoette.

Stacey ging als zestienjarige een jeeptour in de woestijn maken met vrienden. Haar ouders bleven achter in het hotel. Wat een leuke belevenis moest worden, eindigde in een nachtmerrie. De jeep vloog over de kop en Stacey raakte zwaargewond. Er moest een traumahelicopter komen om haar met bloedspoed naar het ziekenhuis te vliegen.
Tegelijkertijd lagen de ouders van Stacey aan het zwembad bij het hotel. De moeder van Stacey ging even naar de kamer om iets op te halen en terwijl ze even op het balkon stond om naar het uitzicht te kijken, vloog er een traumahelicopter langs.
'Wat moet het vreselijk zijn als iemand die je liefhebt in die traumahelicopter zou liggen', dacht ze terwijl ze naar de helicopter staarde.

Niet veel later werden de ouders van Stacey bij de hotelmanager geroepen. Hij vertelde hun met een triest gezicht dat hun dochter een ongeluk had gehad en in het Hadassah ziekenhuis voor haar leven aan het vechten was.

Elke keer als er zo'n traumahelicopter voorbij vliegt, denk ik aan Stacey en haar moeder. En al gun ik het niemand om in zo'n helicopter te liggen, toch prevel ik elke keer weer tegen mezelf dat ik niet hoop dat er iemand in ligt die me dierbaar is.


Het verhaal van Stacey kun je ook hier lezen.


Categorie: levenstekens

22 Januari '07 - 19:06

Waarom ben ik geen ochtendmens?

Nadat ik nog een blik op de wekker heb geworpen en heb geconstateerd dat het weer veel te laat is geworden, klik ik het nachtlampje uit en ben ik meteen 'weg'. Ik slaap diep en heftig. In mijn dromen beleef ik enorme avonturen.

Als de wekkerradio om kwart over zeven aangaat, is het eerste wat in me opkomt: "Waarom ben ik nou geen ochtendmens?"

Ik fiets naar mijn werk met zware benen en een hoofd vol watten en neem me plechtig voor dat ik vanavond echt vroeg naar bed zal gaan.

De ochtend gaat z'n gangetje. Ik gaap af en toe een beetje, haal nog een kop dubbele espresso en doe de dingen die van me verwacht worden.

Na de lunch krijg ik een wegtrekker. Een blikje cassis of sinas moet uitkomst brengen. Gelukkig leef ik er weer een beetje van op en ben ik de rest van de middag gewoon weer de werkshetlander.

Als ik, wederom met zware benen, maar nu met een moe hoofd naar huis fiets, neem ik me wederom voor dat ik vanavond echt voor tienen in bed ga liggen. 'Nog een hoofdstuk in m'n boek en dan echt het licht uit'.

Thuisgekomen roep ik tegen D dat het vanavond echt gaat gebeuren. "Om half tien lig ik in bed hoor, ik ben doodmoe".
Hij knikt, maar weet wel beter.
Want tegen de avond leef ik weer helemaal op. En om half tien moet ik nog een log lezen, of een spelletje spelen. Ik moet nog een artikel in een tijdschrift lezen, of ik zit midden in een film. Dat telefoongesprek moet echt nog gevoerd worden en ik schenk nog een glas wijn in. Dat glas wijn moet toch op en het volgende ook. Om elf uur moet ik Pauw en Witteman zien en rond twaalven ben ik nog veel te fit om te gaan slapen, dus surf ik nog maar een rondje op het net.

Als ik mezelf naar bed heb weten te sturen, dan moet er toch nog een hoofdstuk in het boek wat op m'n nachtkastje ligt gelezen worden. En nog een hoofdstuk, want het is zoooo spannend of interessant.
Wanneer ik eindelijk besef dat ik toch wel moe ben en een blik op de wekker werp en constateer dat het weer veel te laat is geworden, klik ik het lampje uit en val ik meteen in slaap.

En morgenochtend zal ik me weer afvragen waarom ik nou toch geen ochtendmens ben.


Categorie: levenstekens

20 Januari '07 - 11:27

het dubbeltje

Ze herkende me niet meer toen we elkaar op straat passeerden. Of ze kan heel goed acteren en wilde me niet kennen. Ik zal het nooit te weten komen.

Mijn gedachten schoten terug naar lang geleden toen ik nog met J was en zij met X, een oudere vriend van J. X en ik konden het heel erg goed met elkaar vinden. Allebei waren we in Jeruzalem geboren en we bevonden ons in dezelfde situatie; een niet-joodse partner, terwijl we toch beiden in ons hoofd hadden gehad dat we ooit onder de choepah zouden staan. Maar op dat moment in mijn leven was J alles voor me en X was stapelgek op S, dus kon het ons niet schelen. S was X zijn prinses. Ik heb bijna nooit een man een vrouw zo royaal zien behandelen. Hij overlaadde haar met cadeaus en zij trok al heel snel in zijn appartement op de Keizersgracht in. S hoefde maar naar een etalageruit te wijzen of X stormde de winkel al binnen om hetgeen ze zo mooi of leuk vond voor haar te kopen. Een mini cooper, een Armani galajurk, een ring met een diamant, een reisje naar Miami, het kon allemaal niet op. Op een dag kocht hij zelfs een Golden Retriever voor haar, omdat ze zo graag een hondje wilde.
Wij hadden zo onze bedenkingen, maar lieten die niet doorschemeren. Want hoe erg S ook haar best deed met zich voordoen dat ze uit een bepaald milieu kwam, wij wisten wel beter. Sommige dubbeltjes zullen nooit een kwartje worden, hoe graag ze ook willen. En X was de hoofdprijs van een miljoen. Een oudere vent die bulkte van het geld, zijn eigen bedrijf, mooie auto en prachtig appartement had. De looks had hij niet, maar dat maakte geen donder uit want hij had een hart van goud. En met S aan zijn zijde schitterde hij als een diamant, want zij maakte hem zo gelukkig en ze was ook nog eens bloedmooi.
Op een dag vertelde J mij dat hij slecht nieuws had. X bleek MS te hebben. "Wat zijn de voorspellingen", vroeg ik bezorgd. Het bleek er niet goed uit te zien, X ging ziekenhuis in en ziekenhuis uit en al had hij al het geld van de wereld, zijn gezondheid had hij niet meer. Niet lang nadat hij een rolstoel kreeg, omdat hij vaak moe was en lopen pijn deed, pakte S haar spullen en vertrok. Ze kon het allemaal niet aan, had ze hem verteld. X en de Golden Retriever bleven gebroken achter.
Wij vonden het vreselijk dat onze bedenkingen hadden geklopt. Soms zou je willen dat je het gewoon heel erg bij het foute eind hebt.
Ook J en ik gingen uit elkaar omdat na vier jaar de koek op was. Wel gingen we nog vaak met elkaar eten en bespraken dan vroegere gemeenschappelijke vrienden, die nu weer gewoon zijn of mijn vrienden waren geworden. Met X ging het goed. Hij was een knappe dokter tegengekomen waar hij mee in Amerika was gaan wonen. Hoe de toekomst er voor hem uit zou gaan zien dat wist J niet, maar hij had hoop en dat klonk goed. Met S had hij geen contact meer, maar de geruchten gingen dat ze in Nice was gaan wonen met haar nieuwe vriend.

Nooit dacht ik meer aan S, totdat ze eergisteren op eens op straat voorbij liep. Ze zag er prachtig uit met haar gestylede haar en mooie lamy aan. Ook de man aan haar arm was erg goodlooking. Een soort kruising tussen Richard Gere en George Clooney. Dat hij geld had, zag ik in een oogopslag. Ook de Jack Russel die aan een Louis Vuitton-riempje meeliep was erg schattig. Ze vormden met z'n allen een mooi plaatje uit de duurdere bladen. Alsof ze zo uit een shoot kwamen lopen.
Ik liep door, maar een paar meter verder bleef ik staan om achterom te kijken. S had nu de Jack Russel op haar arm en stapte in een Porsche met Frans kenteken.
Het dubbeltje had haar hoofdprijs weer gevonden. Maar ondanks alle luxe waar ze zich in wentelt, voor mij zal ze altijd een roestig dubbeltje blijven.


Categorie: gezien

18 Januari '07 - 20:01

het meisje met de hoofddoek

Op het perron stond een klein meisje met een hoofddoekje. Zenuwachtig keek ze om zich heen. Af en toe blies de wind met een noodgang door het station, wat het meisje elke keer deed wankelen. Ik stond tegen een reclamebord aangedrukt en vroeg me af waarvoor het meisje zo bang was. Was het de storm of waren het de vier meiden die verderop stonden en naar wie het kleine meisje af en toe schichtig keek?

De trein kwam het station binnenrijden en ik stapte dezelfde coupé als het kleine meisje in. Toevallig was er alleen nog maar een plek tegenover haar vrij, waar ik dan ook maar ging zitten. Ik pakte mijn krantje om die te gaan lezen. Opeens klonk er gegil vanuit de deuropening. De vier meiden die duidelijk op zoek naar het kleine meisje waren, kwamen binnen.
Een van de meiden, duidelijk de 'stoerste', bleef voor ons staan en keek het meisje met een zelfingenomen glimlach aan. "Ah, Salima daar ben je".
Het meisje knikte bangig.
De andere drie meiden giegelden en stootten elkaar aan.
"Dus jij bent ongesteld geworden", riep de 'stoere' keihard door de coupé.
"Nee hoor", zei het meisje terwijl ze met een rood hoofd haar hoofd van links naar rechts en weer terug schudde. "Ik wilde gewoon heel graag een doek".
"Ja ja", riep een van de andere drie meiden. Waarna ze allevier in lachen uitbarstten. "Jij kan echt vet niet liegen".
Het kleine meisje keek snel naar beneden. Waarschijnlijk zakte ze door de grond. De meiden liepen hard pratend en lachend door. Nerveus keek het meisje weer op en ik ving haar beschaamde trieste blik. Heel even voelde ik me net zo ellendig als zij. Ik hoop maar dat mijn bemoedigende glimlach haar goed deed.


Categorie: jeugd

16 Januari '07 - 18:48

Nicole Braun

Nicole Braun is vandaag jarig. Dat weet ik omdat ze vroeger bij me op school zat en zij dus altijd twee dagen na mij ging trakteren. En ik weet het nog omdat Nicole Braun een onuitwisbare indruk op me gemaakt heeft. Zij heeft me namelijk een keer vreselijk gekwetst.
We konden het niet met elkaar vinden, Nicole Braun en ik. Dat kan gebeuren natuurlijk. Niet iedereen kan het goed met elkaar vinden. Maar Nicole Braun en ik, dat was echt water en vuur.
Nicole Braun vond het erg leuk om mij dwergje te noemen. En als puber vond ik dat vreselijk. Op een dag was het weer zo ver. Toen zei ze iets in de trant van: "Hé dwergje, waar is je paddestoel?" Woest keek ik haar aan en antwoordde: "Ach, ik ben liever klein dan dat ik zo'n paardebek heb als jij".
Ook niet aardig natuurlijk, maar ze had het er naar gemaakt.
'1-1', dacht ik nog. Maar Nicole Braun dacht van niet, want ze kwam vlak bij me staan en zei toen heel rustig: "Wat vind ik het jammer dat jij niet veertig jaar eerder geboren bent".
"Waarom", vroeg ik, want ik begreep niet waar ze naar toe wilde.
"Dan had Hitler je onder de douche kunnen zetten".
En toen werd het zwart voor m'n ogen. Nicole Braun was erg lang vergeleken met mij, maar op dat moment dacht ik niet meer logisch na, stormde op haar af en gaf haar een enorme duw. Wat ik even vergeten was, was dat onze ruzie plaatsvond in het trappenhuis. Ik weet nog hoe erg ik schrok dat ze van de trap afkukelde en een paar tellen stil bleef liggen.
'Ik heb haar vermoord', ging door mijn hoofd. Blijkbaar dachten mijn klasgenoten die om ons heenstonden dat ook, want iedereen was doodstil. Totdat Nicole Braun haar ogen opendeed en meteen de vreselijkste dingen begon te gillen.
Gelukkig bleek ze achteraf alleen maar een fikse bult op haar achterhoofd te hebben.
Wel moesten we allebei bij de rector komen om uit te leggen wat er gebeurd was. "Wij gebruiken hier geen geweld K.", sprak hij me boos toe. Ik hield mijn mond maar. "Ik ga je een week schorsen", ging hij verder. Nicole Braun keek mij met een misselijkmakend glimlachje aan. Woest liep ik zijn kamer uit en ging naar huis.
Thuisgekomen zat mijn moeder te wachten. "De rector belde net", zei ze.
"Ja, ik weet het", riep ik terwijl ik de trap oprende om alvast te gaan schuilen in mijn kamer.
"Wacht nou eens even. Hij is niet boos meer op je".
Halverwege de trap bleef ik staan en keek mijn moeder aan.
"Hij heeft gehoord wat er gebeurd is en je mag morgen gewoon weer naar school komen. Dat andere meisje is een week geschorst en wij moeten morgen met jou naar school om met haar en haar ouders te praten".
Dat was een pak van mijn hart. Alhoewel ik wel ontzettend tegen het gesprek wat de volgende dag plaats moest gaan vinden op zag.
's Avonds ging de telefoon. Ik nam op en de rustige stem van de rector klonk in de hoorn: "Dag K., mag ik een van jouw ouders spreken?"
Zenuwachtig gaf ik de telefoon aan mijn moeder.
Wat bleek? De ouders van Nicole Braun vonden het niet erg wat hun dochter tegen mij gezegd had. Ze stonden zelfs achter haar. Het was de bedoeling dat we rustig zouden praten en dat zij dan haar excuses zou aanbieden, maar dat hoefde niet van hun.
De volgende dag werd besloten dat Nicole Braun niet meer terug hoefde te komen op school. En dat kwam ze ook niet.

Een paar jaar geleden las ik in de krant dat Nicole Brauns vader was overleden. Even twijfelde ik of ik haar een condoléancebrief zou sturen, maar ik deed het niet. Ik wist niet hoe zij het zou opvatten en ik wilde niet dat ze zou denken dat ik cynisch was. Want dat was ik niet. Ik had oprecht medelijden met haar en wilde haar sterkte wensen.

Ik zou niet weten hoe het nu met haar gaat, wat ze doet of waar ze woont. Maar elk jaar denk ik op 16 januari aan Nicole Braun. En dan hoop ik dat ze anders is geworden dan haar ouders en dat het goed met haar gaat.

Nicole Braun heet in het echt natuurlijk geen Nicole Braun.


Categorie: levenstekens

14 Januari '07 - 11:50

feestjes

"Wanneer ben jij eigenlijk jarig", vroeg DLVML mij tijdens onze eerste ontmoeting.
"14 januari en jij?"
"15 januari".
"Haha, dat is grappig".
"Heel grappig. Maar wel makkelijk want dan kunnen we samen onze verjaardag vieren".

Toen hij dat zei, van dat samen de verjaardag vieren, kon ik me er nog geen voorstelling van maken. Gisteravond werd de voorstelling, die nog geen voorstelling was, een fantastische première, namelijk ons eerste feestje samen.
Het was een fijn feestje. Onze vrienden vonden elkaar ook aardig en mensen die elkaar nog nooit gezien hadden, gingen bij elkaar zitten en zaten uren te kletsen.
Omdat het huis niet al te groot is, hadden we alleen onze 'regelmatige' vrienden uitgenodigd. Maar op het hoogtepunt van de avond leek onze woonkamer meer op een blik sardientjes dan op een woonkamer omdat er toch achttien mensen zaten.
Om 5 uur kropen we doodmoe maar blij tegen elkaar in bed.

Vandaag is er nog een feestje. Het familiefeestje, waar de families elkaar eindelijk gaan ontmoeten.

En morgen komen er natuurlijk nog wat mensen taart eten.
Daarna hebben we het weer gehad voor het jaar.
Gelukkig zullen er dit jaar nog voldoende andere leuke feestjes plaatsvinden...


Categorie: levenstekens

11 Januari '07 - 17:56

the impact van reclame

Nadat ik vandaag vanuit mijn raam al een paar mensen zag worstelen met hun paraplu en ik nou eenmaal geen Marry Poppins kwaliteiten heb, hoe graag ik ook zou willen, besloot ik zonder paraplu boodschappen te gaan doen.
Ik zocht mijn fijne mutsje op want m'n haar mocht natuurlijk niet gaan pluizen, trok m'n regenjas aan en waagde me naar buiten. De wind woei langs me en de regen kletterde op me neer. Ik neuriede I'm singing in the rain en maakte zowaar wat danspansjes. Als een heuse Gene Kelly danste ik over de stoep. Ik ging nog net niet paaldansen om de lantaarnpaal. De regen kletterde en ik bedacht me dat als ik een auto zou kopen dat een Volkswagen moest worden. En dat komt allemaal door dit filmpje:

Reclame werkt. Vooral als het goede reclame is.


Categorie: levenstekens

10 Januari '07 - 18:26

de bloemist en mevrouw van de Ven

D en ik hadden bij de Ikea (aka een van mijn favoriete uitjes) een orchidee gekocht en een enorme vaas waar die orchidee dan in kon. Dat kwam omdat ik al weken een idee in mijn hoofd had, een idee van een orchidee in een enorme vaas met onderin dan steentjes die het potje visueel konden laten verdwijnen. Maar de steentjes die ik in mijn hoofd had, kon ik natuurlijk weer nergens vinden en dus bedacht ik iets anders: gedroogd mos. En als ik een idee heb dan moet het ook vaak meteen en dus liep ik de Rijnstraat in, waar minimaal drie bloemisten zitten.
De eerste bloemist had het niet want ze hadden alles, maar dan ook echt alles opgemaakt met kerst. Dat geloofde ik graag, want de bloemist was nog al legig. "Probeer het eens bij de bloemist naast het Kruidvat, die heeft het vast wel", stelde de vriendelijke bloemist voor.
Maar ik was te lui om dat hele eind te wandelen en dus stak ik de straat over naar de overkant.
Daar stond de bloemenman net een boeketje te maken voor een lief Indisch omaatje. Er stond ook nog een meisje in de rij met twee hyacinthen en dus wachtte ik netjes op mijn beurt. Al had ik maar een luttel vraagje, namelijk: "Verkoopt u ook gedroogd mos". Want dat mos was nergens in de winkel te bekennen. Wel zag ik een heel mooi bonzai boompje met bloempjes in een hele mooie Japansachtige pot met vlinders. Ik draaide de pot om om te kijken hoe duur hij was en schrok omdat het geheel 70 euro kostte. Het lieve Indische omaatje bleek toch niet zo lief als ze er uit zag, want ze begon te jengelen over het boeketje wat er in mijn ogen prima uitzag. De bloemist had blijkbaar geen zin in discussie en begon opnieuw. En ik maar wachten. En dat meisje van de hyacinthen natuurlijk ook.
Ondertussen kwam er een vrouw de winkel in. Een vrouw die ik zou kunnen typeren als nep-kakker. Met andere woorden; iemand die graag mensen wil laten geloven dat ze bulkt van het geld maar die ik niet helemaal geloof. De vrouw droeg een enorme bontmuts, wat ik zowiezo ten eerste al belachelijk vind als het buiten zo warm is dat de vogels niet eens zin hebben om naar het zuiden te vliegen en ten tweede vind ik bont fout. Heel fout. Bont is voor beesten en niet voor nep-kakkers. De vrouw wachtte niet netjes in de rij zoals ik, maar begon de bloemist te storen met allerlei onbenullige vragen. Maar de bloemist vond de vragen helemaal niet onbenullig en antwoordde braaf. Pas nadat hij haar na vraag 3 mevrouw van de Ven noemde, had ik door dat ze elkaar al kenden en dat mevrouw van de Ven hoogts waarschijnlijk vaste klant was.
Het Indische omaatje keurde na poging twee van de bloemist met een gereserveerd gezicht het boeketje goed. Het meisje had haar hyacinthen al op de toonbank gezet en rekende snel af. En toen was ik dus aan de beurt, maar mevrouw van de Ven was naast me gaan staan. De bloemist keek met een blije glimlach naar mevrouw van de Ven en vroeg: "Waarmee kan ik u helpen". 'Ja dag', dacht ik en zei snel: "Ik heb een vraag". Voordat ik verder kon gaan, hoorde ik mevrouw van de Ven een geluid maken. Iets in de trant van 'nnnnnnttttt' en toen brabbelde ze ook nog: "De jeugd van tegenwoordig". De bloemist keek van mij naar mevrouw van de Ven en zei: "Wel even netjes op je beurt wachten hè meisje". In eerste instantie wilde ik roepen dat ik aan de beurt was, maar ik deed het niet. Ik wachtte op mevrouw van de Ven die twee cactusjes kocht voor 4 euro, wat mijn vermoeden bevestigde dat ze een nep-kakker was. En toen mevrouw van de Ven aka de nep-kakker de winkel uit liep en de bloemist eindelijk tijd voor me had en vroeg: "Zo en nu ben jij. Wat mag het wezen", antwoordde ik: "Ik wilde eigenlijk dat bonzai boompje kopen. Maar ik geloof dat ik net mijn interesse verloren heb".


Categorie: levenstekens

09 Januari '07 - 11:50

de wazige wereld

'Er is iets veranderd aan de straat', concludeerde ik vanmorgen toen ik de voordeur achter me dichttrok. Luttele secondes later realiseerde ik me dat de straat niet veranderd was, maar dat ik was vergeten mijn lenzen in te doen. Even speelde ik met de gedachte om de trap op te rennen en snel m'n bril ergens vandaan te toveren, maar ik wist niet zeker waar dat ergens precies was en ik had nog maar tien minuten om op tijd bij de orthodontist te zijn.
En dus stapte ik op m'n stalen ros en fietste door een wazige Rivierenbuurt. Een meisje zwaaide enthousiast mijn richting uit vanaf de andere kant van de Churchillaan en ik zwaaide maar braaf terug. Ik had geen idee of ze naar mij zwaaide en of ik haar daadwerkelijk kende, maar ik wil natuurlijk niet de geschiedenis ingaan als arrogante trut.
Bijna stapte ik bij de huisarts die zich naast m'n orthodontist bevindt naar binnen, simpelweg omdat ik het bordje niet kon lezen en alle huizen op elkaar lijken. Gelukkig realiseerde ik me op het laatste moment dat ik verkeerd zat en haastte me om op tijd te zijn voor de afspraak bij de orthodontist naar binnen. Ik struikelde over het drempeltje en wankelde de behandelingskamer in.
Een half uur later stond ik weer op straat en fietste weer terug naar huis.
Thuisgekomen zocht ik meteen mijn brilletje, zette hem op en keek uit het raam. Mijn straat was niet meer wazig. De huizen hadden weer strakke lijnen en de bomen weer takjes. Zonder bril had de wereld op een schilderij van Monet geleken, met bril keek ik naar een Rembrandt.
Zo slecht zijn mijn ogen nou ook weer niet, ik heb -1 links en rechts -1.25, maar och wat kost het opeens een inspanning om zonder oogcorrectie door het leven te gaan. Mijn ogen haalden opgelucht adem. En ik ben me maar meteen gaan verdiepen in wat een ooglaserbehandeling kost.


Categorie: levenstekens

08 Januari '07 - 15:51

het zetten van de wekker

"Kun jij even de wekker zetten", vroeg ik elke doordeweekse avond voor het slapengaan aan D (ik ga hem voortaan alleen nog DLVML noemen bij speciale gelegenheden, want ik word een beetje moe van het typen en ik vind het bij nader inzien voor dagelijks gebruik toch wat te hysterisch, dus kort ik DLVML simpelweg af naar D wat toevalligerwijs ook nog de eerste letter van zijn naam is, dat je het even weet). En elke avond zette D dan braaf de wekker.
Totdat ik gisteravond vroeg of hij even de wekker kon zetten. Want toen keek hij me opeens aan, was even stil en vroeg: "Kun je dat zelf niet?"
Natuurlijk kan ik dat wel. Maar ik ben simpelweg te lui om me te verdiepen in de gebruiksaanwijzing en daarom houd ik me maar van de domme en vraag hem dat soort enorme mannenklusjes te doen. En dus antwoordde ik terwijl ik mijn onbenulligste gezicht opzette: "Nee dat kan ik niet. Want ik weet toch niet hoe de wekker werkt".
"Nou, dan leg ik je dat toch even uit", was zijn antwoord. "Je bent best technisch dus zo moeilijk moet dat niet voor je zijn".
En zo leerde ik hoe ik de wekker moest zetten. Heb ik me toch mooi zeven maanden van dat klusje weten te drukken.


Categorie: jeugd

06 Januari '07 - 13:16

mijn neefje Nour

Mijn favoriete neefje Nour uit Los Angeles was twee dagen in Nederland. Zo eens in de twee jaar mailt of belt hij met de mededeling dat hij volgende week langs komt. Dan heeft hij tijdens een reis opeens bedacht dat het misschien wel leuk is om ook even langs de familie te gaan en gooit hij de plannen om. Zo gaat dat met mijn Perzische familie; dingen worden niet ver van te voren tot in het detail gepland zoals Nederlanders dat vaak doen. Perzen zien wel waar ze zin in hebben en het schip strandt.
Allebei stopten we vandezomer met werken. Alleen Nour had het net iets beter voor elkaar dan ik want hij had een eigen bedrijf en kon van de winst een wereldreis gaan maken. Tot maart gaat hij reizen en dan gaat hij op zijn zevenentwintigste terug naar de universiteit om medicijnen te studeren.
En zo zaten we opeens naast elkaar op de bank. Hij was iets kaler geworden en zijn gezicht was door de zon en de ervaringen doorleefder geworden. Mijn neefje zal ik altijd mijn neefje noemen, hoewel hij inmiddels zevenentwintig is en boven mij uittorent.
Het was goed om hem te zien. Na anderhalf jaar werd het wel weer eens tijd.
Hij vertelde over zijn reizen en ik vertelde hoe het met me ging. Ik liet hem de foto’s zien die ik anderhalf jaar geleden tijdens zijn zusjes huwelijk had gemaakt. We praatten over het nu en over vroeger. En natuurlijk spraken we over zijn moeder. Mijn neefje is de enige uit zijn familie die zonder te huilen over haar kan praten. “Wil je daarom medicijnen gaan studeren”, vroeg ik aan hem. “Door haar ziekte?”
“Onder andere”, antwoordde hij. “Ik denk dat ik de meeste voldoening uit mijn leven haal als ik mensen kan helpen. Als ik mee kan helpen aan de genezing van zieke mensen”.
Hij liep naar mijn schouw en tilde een foto op. Een foto van mij, hem, mijn nichtje Des en mijn zusje. “Grappig”, zei hij toen hij naar de foto staarde. “Ik kan me dit nog herinneren”.
“Oh ja?”
“Ik weet nog dat het me zo frustreerde dat ik niet met S (red.: mijn autistische zusje) kon spelen. S was toen zo bezeten van water dat ze de hele dag bij die sproeier zat. Daar ben ik toen maar bij gaan zitten omdat ik zo graag contact met haar wilde. Later kwamen jij en Des ook en in mijn herinnering hebben we daar wel een uur gezeten met z’n vieren”.

Het gekke is dat ik mij, ondanks mijn olifantengeheugen, het moment zelf niet meer kan herinneren, maar dat die foto wel een van mijn meest dierbare foto’s is. Omdat het me herinnert aan de fijne momenten met mijn nichtjes en neefjes in LA en omdat het een van de weinige foto’s is, waar wij, de nichtjes en het neefje die het dichts bij elkaar staan maar het verst uit elkaar wonen, met zijn vieren op staan.

Mijn neefje staarde naar de foto en ik sloeg mijn armen om hem heen en drukte hem tegen me aan. Mijn stoere, lieve, goede, intelligente neefje die ik veel te weinig zie en van wie ik heel veel hou en waar ik heel trots op ben. Mijn neefje die vast en zeker een van de beste artsen van Los Angeles gaat worden.


ik, Nour, mijn zusje, Des




Categorie: levenstekens

05 Januari '07 - 13:20

meisjes van vijftien

Twee meisjes van een jaar of vijftien zaten op een bankje. Ze keken naar basketballende jongens op een veldje.
Ik liep langs met een zware tas vol met boodschappen. Voordat ik de deur uitging had ik even snel wat kleren aangeschoten; capuchontrui uit m'n studententijd, oude jeans, afgedragen bontgevoerde laarzen, mutsje op omdat het regende en wat mascara op m'n wimpers, verder niets. Toen ik de meisjes passeerde, voelde ik hun blikken in m'n zij prikken. Ik keek terug en zag twee vijftienjarige dametjes mij van top tot teen observeren met blikken alsof ik een of ander walgelijk weekdier was.
De meisjes zelf zagen er tiptop uit voor een doodgewone woensdagmiddag. De ene droeg een soort gouden jurkje met daaroverheen een chique wollen jas en bijpassende gouden naaldhakjes. Haar nep Louis Vuittontasje complementeerde de boel. Haar lange haren waren mooi gestyled en ze droeg een lading make-up op haar gezicht waar ik tegenwoordig een maand mee zou kunnen doen. Het andere meisje had een kort bandplooibroekje aan met daaronder netkousen en mooie zwarte muiltjes. Ze droeg een nonchalant hoedje en hield haar tas zo vast zodat het voor iedereen nog zichtbaar was dat er Prada opstond. Ze rookte zonder de rook te inhaleren en na het trekje hield ze haar sigaret schuin voor haar gezicht. De afdruk van haar donkerrode lippenstift sierde het filter.
Ik liep voorbij en voelde hun ogen in mijn rug prikken. Ik liep voorbij en ik glimlachte om het tafereel. Toen ik vijftien was, wilde ik ook kleren van een dertigjarige aan. Ik dacht dat ik een geweldige smaak had, maar vaak kleedde ik mezelf zo over de top aan dat als ik naar beneden kwam mijn ouders een lachbui kregen en me weer naar boven stuurden om normale kleren aan te trekken. Make-up was taboe bij mij thuis, maar zo gauw ik het pad affietste en uit het zicht was, stifte ik mijn lippen rood. Die lippenstift werkte ik zo ongeveer elke drie minuten bij, want dat stond zo volwassen.

Raar eigenlijk hoe dat gaat met ouder worden. De meisjes op het bankje zijn erg druk bezig geweest met de illusie wekken dat ze ouder waren. Maar over een paar jaar zullen ze het juist heerlijk vinden als mensen denken dat ze een stuk jonger zijn.